Socioloog Pierre Bourdieu was gefascineerd door de schilder Eduard Manet, en meer bepaald door diens "Le déjeuner sur l'herbe" dat leest als een manifest tegen de gevestigde instituties. Wat we op het doek zien gaat tegen de heersende conventies in, verwekte schandaal en zette aldus een omwenteling in beweging of gaf er op zijn minst uiting aan.
Even fascinerend is op zijn minst ook de manier waarop een academicus als Bourdieu op kan gaan in zijn onderwerp, in een werk dat alles vertegenwoordigt waar hij zelf voor probeert te staan. Er klopte niets in dit doek, zo beweert de socioloog, de naakte vrouw, de mannen converserend op het gras... Een doek dat het geloof, de opvattingen die men er toen op na hield aan het wankelen bracht. Het gesloten systeem waarin ons hele menselijke denken doorgaans gevangen zit, werd aldus aan het wankelen gebracht, werd heel even een 'veld' van polarisatie en transitie, bood ruimte aan botsende opvattingen.
Het mooist aan het boek "Manet: Une révolution symbolique" - een neerslag van de colleges die Bourdieu wijdde aan Manet - is volgens Bas Heijne (NRC-Handelsblad, 14 februari 2014) de aanstekelijke wijze waarop er college werd gegeven: "Dit is denken, tasten naar betekenis, altijd bedacht op de fatale verleiding van het simpele patroon, de hapklare reductie". Een hele uitdaging, dit sleutelen en zoeken naar betekenis, ... Geen gebruikelijk academisch discours, maar een denken dat fladderend op zoek gaat, de chaos van het zijn wil bezweren, zonder te vervallen in eenduidigheid.
Fingere: laveren tussen fictie en feit
In deze blog laveren we tussen fictie en feit, gaan op zoek naar richtinggevende ideeën of opmerkelijke verhalen, volgen de sporen die wij, mensen, uitzetten in de werkelijkheid. We foerageren, sprokkelen, ... zoeken betekenis.
maandag 17 februari 2014
maandag 10 februari 2014
Het banale ontvluchten
Typisch Amerikaans, die road movies waarin een stel losgeslagen helden ruim baan kiezen en eindeloze vergezichten doorkruisen in een wagen die gigantische stofwolken doet opwaaien. Van "Sugerland Express" over "Zabrinski Point" tot en met "Thelma en Louise". Hetzelfde verhaal in talloze variaties verteld. Met aan de einder een noodlottig einde alsof de helden van het ogenblik heel even een 'trein van traagheid' hebben genomen, een niemandsland tussen leven en dood hebben betreden, ten volle beseffen dat er geen weg terug meer is. Een eindeloos opgerekt vallen, vertraagde tijd, maar de smak is des te harder.
Wat bezielen een Julio Cortazar en een Carol Dunlop om in hun road-roman "De autonauten van de kosmosnelweg" de banaliteit van het cruisen van stopplaats naar stopplaats langs een Franse autosnelweg als een heus vertelavontuur te beschrijven, de banaliteit te verheffen tot sprookjesachtige dimensies? Ger Groot ziet het in NRC-Handelsblad (7 februari 2014) als een feestelijke roes, als het eindelijk kunnen loslaten van alle conventies om een feest van woorden en verbeeldingskracht op te voeren.
Eerder had Cortazar al geëxperimenteerd met vormen van 'dwalend lezen' waarbij een roman op veelzijdige wijze kon worden betreden: "Rayuela" als frele voorloper van het internet, maar echt 'losgelaten' werd de lezen niet door een teveel aan wegwijzers en betuttelende handjes onderweg.
Een road-trip als ultieme expressie van het ontsnappen, maar ook als vlucht vooruit richting een gewisse dood. Wat te denken van het overlijden van zowel Dunlop als Cortazar, korte tijd na het voltooien van dit boek? Beiden aan leukemie... De vrijheid van een nakende dood als ultieme expressie?
Wat bezielen een Julio Cortazar en een Carol Dunlop om in hun road-roman "De autonauten van de kosmosnelweg" de banaliteit van het cruisen van stopplaats naar stopplaats langs een Franse autosnelweg als een heus vertelavontuur te beschrijven, de banaliteit te verheffen tot sprookjesachtige dimensies? Ger Groot ziet het in NRC-Handelsblad (7 februari 2014) als een feestelijke roes, als het eindelijk kunnen loslaten van alle conventies om een feest van woorden en verbeeldingskracht op te voeren.
Eerder had Cortazar al geëxperimenteerd met vormen van 'dwalend lezen' waarbij een roman op veelzijdige wijze kon worden betreden: "Rayuela" als frele voorloper van het internet, maar echt 'losgelaten' werd de lezen niet door een teveel aan wegwijzers en betuttelende handjes onderweg.
Een road-trip als ultieme expressie van het ontsnappen, maar ook als vlucht vooruit richting een gewisse dood. Wat te denken van het overlijden van zowel Dunlop als Cortazar, korte tijd na het voltooien van dit boek? Beiden aan leukemie... De vrijheid van een nakende dood als ultieme expressie?
zondag 9 februari 2014
Onwezenlijk
Een interview met Amélie Nothomb lezen biedt hetzelfde genot als in haar romans duiken: je begeeft je op een roetsjbaan van woorden, glijdt door een onwezenlijke werkelijkheid en blijft even later onbesuisd achter. Alles lijkt toevallig en gewichtloos, maar alleen al de foto's bij haar interviews zijn meestal zo zorgvuldig geregisseerd dat je er vragen moet bij stellen. Zie de onschuldig omhoog kijkende Nothomb te midden takken en opgezette vogels (De Standaard, 7 februari 2014). Iemand die zo graag poseert voor de camera, cultiveert het mysterie ook graag in haar romans...
Of haar "Nostalgie van het geluk" als verslag van een reis terug naar haar verloren, paradijselijke kindertijd in Japan niet veel te autobiografisch is om een roman te worden genoemd? Roman staat etymologisch voor "schrijven in de volkstaal", luidt het antwoord: "De roman is met andere woorden pure vrijheid. Je kunt er min of meer instoppen wat je wilt, zelfs de werkelijkheid." En ze verwijst even verder ook naar Virginia Woolf: "Er is niets gebeurd, zolang het niet op papier staat."
Zonder woorden geen werkelijkheid, en geen zelf, dus moet ze wel op zoek naar de eigen wortels om die twijfel over het eigen bestaan te ontkrachten. En ze heeft ongetwijfeld nog veel romans voor de boeg, deze schrijfster die het onwezenlijke in zichzelf moet verwerkelijken ook al beseft ze dat ze niet alles kan beschrijven. Maar ze laat sporen van zichzelf na, want ze beantwoordt alle fanmail persoonlijk, zo vernemen we...
Het mooiste, indirecte bewijs van haar bestaan levert een stewardess die er tien jaar over deed om haar favoriete boek van Nothomb - "Gods ingewanden" over hoe de apatische, blèrende baby mens wordt - in het Japans te vertalen: 5 jaar om Frans te leren en vijf jaar om de vertaling te maken...
Of haar "Nostalgie van het geluk" als verslag van een reis terug naar haar verloren, paradijselijke kindertijd in Japan niet veel te autobiografisch is om een roman te worden genoemd? Roman staat etymologisch voor "schrijven in de volkstaal", luidt het antwoord: "De roman is met andere woorden pure vrijheid. Je kunt er min of meer instoppen wat je wilt, zelfs de werkelijkheid." En ze verwijst even verder ook naar Virginia Woolf: "Er is niets gebeurd, zolang het niet op papier staat."
Zonder woorden geen werkelijkheid, en geen zelf, dus moet ze wel op zoek naar de eigen wortels om die twijfel over het eigen bestaan te ontkrachten. En ze heeft ongetwijfeld nog veel romans voor de boeg, deze schrijfster die het onwezenlijke in zichzelf moet verwerkelijken ook al beseft ze dat ze niet alles kan beschrijven. Maar ze laat sporen van zichzelf na, want ze beantwoordt alle fanmail persoonlijk, zo vernemen we...
Het mooiste, indirecte bewijs van haar bestaan levert een stewardess die er tien jaar over deed om haar favoriete boek van Nothomb - "Gods ingewanden" over hoe de apatische, blèrende baby mens wordt - in het Japans te vertalen: 5 jaar om Frans te leren en vijf jaar om de vertaling te maken...
zondag 2 februari 2014
In alle staten
Het steekt wat verloren in de programmatie van de zender Vier, overdag op zaterdag, maar de reeks "The united states of Tara" is beslist de moeite waard. We volgen er Tara Gregson, moeder van twee tienerkinderen die zo hun grillen en voorkeuren hebben, maar we maken er vooral ook kennis met de vele persoonlijkheden die het regelmatig overnemen van Tara. Lijdend aan een multipele persoonlijkheidsstoornis, is het geen simpele opgave om een gezin en het eigen leven vorm te geven.
Medicatie is een oplossing, maar Tara is een ondernemende vrouw en wil haar ziekte doorgronden, dus stopt ze de medicatie en gaat de confrontatie aan. Het levert bizarre situaties op, maar vooral de manier waarop de gezinsleden met alle staten van Tara omspringen geeft deze reeks een bijzondere dimensie. Gestart met een drietal persoonlijkheden, zitten we in reeks 3 met boven de 30 afsplitsingen.
Inmiddels wil Tara via studies de eigen dieptes doorgronden, maar echt eenvoudig is dat niet als de professor van dienst een fervente ontkenner is van de stoornis waaronder zij lijdt, haar confronteert met haar vluchtgedrag en uitdaagt schoon schip met zichzelf te maken.
Drie seizoenen kon Tara op zoek gaan naar zichzelf. Dat is 'lang' voor een conceptserie, want het is behoorlijk moeilijk om te blijven verrassen, maar het lukt de makers van deze reeks behoorlijk goed! Veel beter dan bijvoorbeeld "Enlightened" waarin een carrièrevrouw door het lint gaat en na maanden van dure mindfulnessachtige therapieën terug het zakenleven in wil stappen. Ze is vast van plan om haar pas verworven inzichten als heuse wereldverbeteraar met iedereen te delen, maar botst op muren van onbegrip en wordt ook op het bedrijf zelf verbannen naar een afdeling waar uitgerangeerde nerds hun tijd letterlijk 'doden'. Mooi, maar na enkele afleveringen begint het wel te wringen, en blijf het gevoel 'teveel van hetzelfde' knagen.
Twee reeksen die illustreren hoe moeilijk het is om in onze jachtige maatschappij zichzelf te vinden en te blijven: hen rest een verbrokkelend verhaal. Een leven dat in velerlei puzzelstukjes uiteenvalt is het lot van deze kranige zoekers naar manieren tot 'overleven'...
Medicatie is een oplossing, maar Tara is een ondernemende vrouw en wil haar ziekte doorgronden, dus stopt ze de medicatie en gaat de confrontatie aan. Het levert bizarre situaties op, maar vooral de manier waarop de gezinsleden met alle staten van Tara omspringen geeft deze reeks een bijzondere dimensie. Gestart met een drietal persoonlijkheden, zitten we in reeks 3 met boven de 30 afsplitsingen.
Inmiddels wil Tara via studies de eigen dieptes doorgronden, maar echt eenvoudig is dat niet als de professor van dienst een fervente ontkenner is van de stoornis waaronder zij lijdt, haar confronteert met haar vluchtgedrag en uitdaagt schoon schip met zichzelf te maken.
Drie seizoenen kon Tara op zoek gaan naar zichzelf. Dat is 'lang' voor een conceptserie, want het is behoorlijk moeilijk om te blijven verrassen, maar het lukt de makers van deze reeks behoorlijk goed! Veel beter dan bijvoorbeeld "Enlightened" waarin een carrièrevrouw door het lint gaat en na maanden van dure mindfulnessachtige therapieën terug het zakenleven in wil stappen. Ze is vast van plan om haar pas verworven inzichten als heuse wereldverbeteraar met iedereen te delen, maar botst op muren van onbegrip en wordt ook op het bedrijf zelf verbannen naar een afdeling waar uitgerangeerde nerds hun tijd letterlijk 'doden'. Mooi, maar na enkele afleveringen begint het wel te wringen, en blijf het gevoel 'teveel van hetzelfde' knagen.
Twee reeksen die illustreren hoe moeilijk het is om in onze jachtige maatschappij zichzelf te vinden en te blijven: hen rest een verbrokkelend verhaal. Een leven dat in velerlei puzzelstukjes uiteenvalt is het lot van deze kranige zoekers naar manieren tot 'overleven'...
Flaneren
Verrassend soms hoe in een krant of magazine enkele verhalen elkaar zo dicht naderen, dat je als lezer vermoedt dat het zo bedoeld moet zijn door de redactie. Wat te denken over de boekenbijlage van NRC Handelsblad (31 januari 2014) waarin een bijdrage over de 19e eeuwse 'hype' rond het reizen via luchtballen naast een biografische notitie over de cultuurfilosoof Walter Benjamin staat afgedrukt?
De zucht naar het luchtruim nam zo'n proporties aan dat in een gravure de luchtballon "La Minerve" ervoor zorgt dat ineens een compleet dorp door de wolken zweeft, inclusief ziekenhuis, kerk, ... en een orkest op het voorplecht nabij de woning van de kapitein. Niet echt om veel vertrouwen in te hebben, nu wij op vandaag doordrongen zijn van verhalen over de Titanic en de Costa Concardia: te veel vertrouwen in menselijk kunnen kan best wel in het tegendeel uitpakken. Maar waar het om gaat: "...om de bol liepen promenades om te kunnen flaneren."
Flaneren als utopische realisatie: ook Benjamin erkende de kracht ervan, wilde met zijn Passagenprojekt de ziel van Parijs als de belichaming van de Europese moderniteit vatten. Steden om in te flaneren, om op zoek te gaan naar wat er allemaal broedt, tot leven komt en betekenis verleent. Flanerend construeert Benjamin denkbeelden of opvattingen die "beweeglijk en tegenstrijdig" zijn, even onvatbaar als de levende stad zelf.
Een stad - of zelfs maar een dorp - als luchtballon is een onmogelijke hypothese, is tot mislukken gedoemd, zo moeten we wel beseffen. Maar ook het flaneren van Benjamin eindigde in een jammerlijke zelfmoord, op de vlucht voor de nazi's die op hun beurt een utopie wilden verwerkelijken.
De zucht naar het luchtruim nam zo'n proporties aan dat in een gravure de luchtballon "La Minerve" ervoor zorgt dat ineens een compleet dorp door de wolken zweeft, inclusief ziekenhuis, kerk, ... en een orkest op het voorplecht nabij de woning van de kapitein. Niet echt om veel vertrouwen in te hebben, nu wij op vandaag doordrongen zijn van verhalen over de Titanic en de Costa Concardia: te veel vertrouwen in menselijk kunnen kan best wel in het tegendeel uitpakken. Maar waar het om gaat: "...om de bol liepen promenades om te kunnen flaneren."
Flaneren als utopische realisatie: ook Benjamin erkende de kracht ervan, wilde met zijn Passagenprojekt de ziel van Parijs als de belichaming van de Europese moderniteit vatten. Steden om in te flaneren, om op zoek te gaan naar wat er allemaal broedt, tot leven komt en betekenis verleent. Flanerend construeert Benjamin denkbeelden of opvattingen die "beweeglijk en tegenstrijdig" zijn, even onvatbaar als de levende stad zelf.
Een stad - of zelfs maar een dorp - als luchtballon is een onmogelijke hypothese, is tot mislukken gedoemd, zo moeten we wel beseffen. Maar ook het flaneren van Benjamin eindigde in een jammerlijke zelfmoord, op de vlucht voor de nazi's die op hun beurt een utopie wilden verwerkelijken.
Blijkbaar
Een mooi interview met Wim Kayzer, maker van de spraakmakende reeks "Van de schoonheid en de troost" (VPRO, 1999) en inmiddels ook auteur van een derde, 'filosoferende' roman: "De laatste tafel".
Als interviewer laat Kayzer zich niet graag interviewen, maar Guinevere Claeys (De Standaard Weekblad, 1 februari 2014) , komt meteen gevat uit de hoek als haar opponent schermt met het verweer: "Wat zou ik daar afbreuk aan doen door hier en daar middelmatige antwoorden te formuleren in middelmatige en gebrokern zinnen?" Zij: "Het is misschien wel eerlijker: zo'n gesprek in gebroken zinnen.Niemand leeft in volzinnen."
En ja, het doet alleszins deugd dit interview te kunnen lezen met iemand die zijn eigen kunst weet te relativeren omdat je als programmamaker altijd weer zit te denken aan 'iets' wat hetgeen straks op de buis komt 'goed maakt'. En toch beseft hij dat hij een schitterende rol heeft te spelen: "Die is: verhalen van anderen samensmeden tot een vertelling, waar weer anderen iets aan hebben. Bij voorkeur geeft die vertelling wat inzicht in de krankzinnige aangelegenheid die dit leven is."
"De vraag is het enige wat ik niet wantrouw, van het antwoord ben ik doodsbang", en dus blijft Kayzer vragen stellen, want; "Mensen die stoppen met vragen stellen, die voeren oorlog." Onze werkelijkheid weet dan ook gemakkelijker te gedijen met antwoorden dan met vragen omdat mensen "gewoontes ontwikkelen, en die gewoontes worden dan hun antwoorden. Hun waarheid. De gewoontes geven hen het gevoel dat hun leven over iets gaat. No further questions."
Over de voorspelbaarheid van ons menselijke bestaan ook, omdat we voor het grootste stuk gewoon 'vast' liggen. En over onze hersenen die ons "soms op een heel onverwacht moment, antwoord geven, op een vraag die je ze jaren ervoor hebt gesteld." Voorspelbaar, maar "het enige mogelijke antwoord op alle mogelijke vragen, het enige antwoord dat ik koester en vertrouw: blijkbaar. Het leven is één groot 'blijkbaar'. Je kunt je leven, en hoe je het leidt, alleen maar willen vaststellen."
Als interviewer laat Kayzer zich niet graag interviewen, maar Guinevere Claeys (De Standaard Weekblad, 1 februari 2014) , komt meteen gevat uit de hoek als haar opponent schermt met het verweer: "Wat zou ik daar afbreuk aan doen door hier en daar middelmatige antwoorden te formuleren in middelmatige en gebrokern zinnen?" Zij: "Het is misschien wel eerlijker: zo'n gesprek in gebroken zinnen.Niemand leeft in volzinnen."
En ja, het doet alleszins deugd dit interview te kunnen lezen met iemand die zijn eigen kunst weet te relativeren omdat je als programmamaker altijd weer zit te denken aan 'iets' wat hetgeen straks op de buis komt 'goed maakt'. En toch beseft hij dat hij een schitterende rol heeft te spelen: "Die is: verhalen van anderen samensmeden tot een vertelling, waar weer anderen iets aan hebben. Bij voorkeur geeft die vertelling wat inzicht in de krankzinnige aangelegenheid die dit leven is."
"De vraag is het enige wat ik niet wantrouw, van het antwoord ben ik doodsbang", en dus blijft Kayzer vragen stellen, want; "Mensen die stoppen met vragen stellen, die voeren oorlog." Onze werkelijkheid weet dan ook gemakkelijker te gedijen met antwoorden dan met vragen omdat mensen "gewoontes ontwikkelen, en die gewoontes worden dan hun antwoorden. Hun waarheid. De gewoontes geven hen het gevoel dat hun leven over iets gaat. No further questions."
Over de voorspelbaarheid van ons menselijke bestaan ook, omdat we voor het grootste stuk gewoon 'vast' liggen. En over onze hersenen die ons "soms op een heel onverwacht moment, antwoord geven, op een vraag die je ze jaren ervoor hebt gesteld." Voorspelbaar, maar "het enige mogelijke antwoord op alle mogelijke vragen, het enige antwoord dat ik koester en vertrouw: blijkbaar. Het leven is één groot 'blijkbaar'. Je kunt je leven, en hoe je het leidt, alleen maar willen vaststellen."
zaterdag 25 januari 2014
Fascinatie vanuit de coulissen
Hoe fascinatie tot de creatie van eigen, imaginaire werkelijkheden kan leiden, illustreert John Irving, schrijver van onder andere "De wereld volgens Garp" (De Standaard, 24 januari 2014).
Als kleine jongen werd hij door zijn moeder meegenomen achter de coulissen van een amateurtheater. Zij was er souffleuse, en hij moest er zich zo lang maar bezig houden met boeken, papier en kleurpotloden. Maar hij was er voor alles gefascineerd door de andere rollen die de postbode, de kruidenier, de buurman, de onderwijzer, ... er vertolkten. Tijdens het gefascineerd toekijken is Irvings wens geboren om "iets groots, iets creatiefs" te doen: "Wat precies wist ik niet."
Maar ondertussen kunnen wij inderdaad volop genieten van de fascinerende werelden die Irving weet op te roepen, vol rijk geschakeerde personages... En ook daarvan gaan de sporen terug naar zijn aanwezigheid in de coulissen: "Om de tijd te doden maakte ik schetsen van de acteurs en schreef er afwijkende teksten bij." En omdat hij na alle repeteren, de stukken zo goed als van buiten kon, keek hij ongemerkt, "als een soort voyeur, (...) avond na avond naar de mensen in de zaal en noteerde wat ik van hun gezichten kon aflezen."
En net als die andere grote verhalenverteller Roald Dahl verschanst ook Irving zich voor het schrijven in een hut, "een schrijfhut op een eilandje, rudimentair. (...) Vooral in de winter werkt het isolement inspirerend. Alles is bevroren. "
Als kleine jongen werd hij door zijn moeder meegenomen achter de coulissen van een amateurtheater. Zij was er souffleuse, en hij moest er zich zo lang maar bezig houden met boeken, papier en kleurpotloden. Maar hij was er voor alles gefascineerd door de andere rollen die de postbode, de kruidenier, de buurman, de onderwijzer, ... er vertolkten. Tijdens het gefascineerd toekijken is Irvings wens geboren om "iets groots, iets creatiefs" te doen: "Wat precies wist ik niet."
Maar ondertussen kunnen wij inderdaad volop genieten van de fascinerende werelden die Irving weet op te roepen, vol rijk geschakeerde personages... En ook daarvan gaan de sporen terug naar zijn aanwezigheid in de coulissen: "Om de tijd te doden maakte ik schetsen van de acteurs en schreef er afwijkende teksten bij." En omdat hij na alle repeteren, de stukken zo goed als van buiten kon, keek hij ongemerkt, "als een soort voyeur, (...) avond na avond naar de mensen in de zaal en noteerde wat ik van hun gezichten kon aflezen."
En net als die andere grote verhalenverteller Roald Dahl verschanst ook Irving zich voor het schrijven in een hut, "een schrijfhut op een eilandje, rudimentair. (...) Vooral in de winter werkt het isolement inspirerend. Alles is bevroren. "
Abonneren op:
Reacties (Atom)